APPARATUUR MET EEN DIGITAAL HART

Aanbiedingen

AX-2236C

Tachometer; LCD 5 cijfers; Meetnauwk: ±(0,05% + 1 cijfer); 156g

AX-160IP

Digitale multimeter; LCD (6000), dubbel, verlicht; 3x/s; True RMS

AX-T03

Tester: contactloze spanningsdetector; 5÷1000VAC

AX-B2120ST/17

Inspectiecamera; Display: LCD 7"; Camerares: 720x480; Kabelle: 20m

AX-2234C

Tachometer; LCD 5 cijfers; 2,5÷99999 rpm (optische methode)

AX-EL600W

Elektronische belastingen; LCD 4,3", verlicht; 0÷150V; 0,001÷60A

AX-9341

Temperatuurmeter; LCD; Nauwk: ±1°C (bereik -20÷150°C); IP67

AX-DL100

Laser-afstandsmeter; LCD; 40m; Meetnauwk: ±2mm; 120x50x29mm; 126g

AX-MS8221B

Digitale multimeter; LCD 3,5 cijfers (1999) 15mm; 2,5x/s

AX-102

Digitale multimeter; LCD (2000), verlicht; -20÷750°C

AXIOMET catalogus

Download de catalogus (ver. 6)
PDF (12,9 MB)

Wat zijn de oorzaken van overspanningen en hun hoofdtypes?

Overspanningen in elektrische installaties worden ingedeeld in twee groepen:

  • interne overspanningen,
  • externe overspanningen.

Deze indeling verwijst naar de oorzaak van overspanningen.

Interne overspanningen ontstaan binnen een elektrische installatie, bijv. door de overschakeling van stromen, storingen of plotselinge veranderingen van belastingen. Ze worden verder onderverdeeld in:

  • schakeloverspanningen welke tijdens het in- en uitschakelen van onbelaste lijnen en tijdens automatisch oplossen van kortsluitingen;
  • kortstondige (tijdelijke) overspanningen die door plotselinge veranderingen van de belasting worden veroorzaakt;
  • aardlekoverspanningen door kortsluiting met de aarde;
  • resonantieoverspanningen.

De tweede groep omvat atmosferische overspanningen die veroorzaakt worden door omgevingsverschijnselen, en in de praktijk - door atmosferische ontladingen. Ze worden volgens de afstand van de installatie onderverdeeld. De sterkste zijn overspanningen die ontstaan door een directe blikseminslag in het elektriciteitsnet, en in de tweede instantie deze die worden veroorzaakt door een blikseminslag in de nabijheid van het elektriciteitsnet. Minder belangrijk zijn ontladingen in de atmosfeer, tussen wolken, die natuurlijk sterker zijn als ze dichter bij het net optreden. Atmosferische overspanningen kunnen ook worden veroorzaakt door radiogolven.

Overspanningen kunnen ook op basis van hun duur worden ingedeeld in puls- of langdurige overspanningen.