APPARATUUR MET EEN DIGITAAL HART

Aanbiedingen

AX-582B

Digitale multimeter; LCD 3,5 cijfers 28mm; Diode-test: 1mA, 3V

AX-155

Digitale multimeter; 2x/s; VDC: 0,1m÷400m/4/40/400/1000V; 375g

AX-160IP

Digitale multimeter; LCD (6000), dubbel, verlicht; 3x/s; True RMS

AX-594

Digitale multimeter; LCD 3,75 cijfers (3999); 3x/s; -20÷1000°C

AX-MS8221A

Digitale multimeter; LCD 3,5 cijfers (1999) 15mm; 2,5x/s; 2,8V

AX-MS8221B

Digitale multimeter; LCD 3,5 cijfers (1999) 15mm; 2,5x/s

AX-MS8250

Digitale multimeter; LCD 3,75 cijfers (3999) 18 mm, verlicht

AX-595

Digitale multimeter; LCD (5999), staafdiagram; 3x/s; -20÷1000°C

AX-7020

Analoge multimeter; Eigenschappen: universele; Diode-test: ja

AX-176

Digitale multimeter; LCD (6600), verlicht; 3x/s; True RMS; 1÷99%

AXIOMET catalogus

Download de catalogus (ver. 6)
PDF (12,9 MB)

Wat zijn de oorzaken van overspanningen en hun hoofdtypes?

Overspanningen in elektrische installaties worden ingedeeld in twee groepen:

  • interne overspanningen,
  • externe overspanningen.

Deze indeling verwijst naar de oorzaak van overspanningen.

Interne overspanningen ontstaan binnen een elektrische installatie, bijv. door de overschakeling van stromen, storingen of plotselinge veranderingen van belastingen. Ze worden verder onderverdeeld in:

  • schakeloverspanningen welke tijdens het in- en uitschakelen van onbelaste lijnen en tijdens automatisch oplossen van kortsluitingen;
  • kortstondige (tijdelijke) overspanningen die door plotselinge veranderingen van de belasting worden veroorzaakt;
  • aardlekoverspanningen door kortsluiting met de aarde;
  • resonantieoverspanningen.

De tweede groep omvat atmosferische overspanningen die veroorzaakt worden door omgevingsverschijnselen, en in de praktijk - door atmosferische ontladingen. Ze worden volgens de afstand van de installatie onderverdeeld. De sterkste zijn overspanningen die ontstaan door een directe blikseminslag in het elektriciteitsnet, en in de tweede instantie deze die worden veroorzaakt door een blikseminslag in de nabijheid van het elektriciteitsnet. Minder belangrijk zijn ontladingen in de atmosfeer, tussen wolken, die natuurlijk sterker zijn als ze dichter bij het net optreden. Atmosferische overspanningen kunnen ook worden veroorzaakt door radiogolven.

Overspanningen kunnen ook op basis van hun duur worden ingedeeld in puls- of langdurige overspanningen.